Monday 10 August, 2009 Amerikaanse pop ontworstelt zich van duistere Bush-jaren
Vergis ik me, of komt er de laatste tijd opeens meer psychedelische pop/rock uit Amerika naar boven drijven? Al worden de nieuwe variëteiten natuurlijk enigszins aan het zicht onttrokken door de dominantie van Animal Collective en hun specifieke vorm van zonnige Beach Boys-stilering. Zo verscheen er vorig jaar een erg leuk en eclectisch plaatje van de Icy Demons, geheel en al gevuld met felgekleurde utopische proefballonnetjes. Ook de krautrock wordt weer eens herontdekt, maar nu vanuit de pop. Het gaat misschien wat ver om zoiets direct aan een verandering in het Amerikaanse Political Unconscious toe te schrijven. Maar goed, onlogisch is het niet dat er in de slipstream van Obama in de kopjes van de culturele poducenten weer wat cognitieve vrolijkheid opborrelt. Hoe lang het zal duren is een tweede. Het ‘moment’ van de zich in hermetische gitaar/laptop-noise terugtrekkende cd-r bands lijkt nachträglich in ieder geval door de duistere Bush-jaren gedetermineerd. Dus: yes, we can – met nieuw zomers elan.
Black Moth Super Rainbow doet op Eating Us in wezen niets meer dan de openingstonen van Strawberry Fields Forever met Airs Sexy Boy-
melodie kruisen. Wazig omhoogzwevende moog-akkoorden waar volledig gevocoderizede vocalen aangenaam op worden meegevoerd. De drum en bas zijn puur ondersteunend, met vaak een licht oppeppend, triphopperig ritme. Daardoor doet BMSR vreemd genoeg ook wel denken aan de psychedelische muzak van Boards of Canada. Veel variatie is er niet, elk nummer is hetzelfde. Daar kan de voor deze plaat aangetrokken ‘topproducent’ van de psychedelische inkleuring Dave Fridmann (Mercury Rev, Flaming Lips, etc) uiteindelijk weinig meer aan toevoegen dan af en toe een fikse onderdompeling in een bad van strijkers en synths. Ook plaatst Fridmann vaak een gitaar helemaal in de voorgrond van de akoestische ruimte, zet er ahw een zonnige spotlight op. Op het laatste nummer gaat het zelfs om een banjo! Dat lijkt toch verdacht veel op een Nigel Godrich rip-off! Een veeg teken: deze plaat is geen aanrader. Hun vorige, Dandelion Gum, was leuker, al zou ik niet durven beweren dat het er daar zo anders aan toe gaat.
Cave opent Psychic Psummer met twee nummers waarin de vroege jaren zeventig herleven: beukende bluesrockjams met een goed waarneembare
Can-tic. Zonder definitief voor een van die beide kanten te willen kiezen. In meer hedendaagse termen, ze laten zich het hoofd niet op hol brengen door Comets on Fire aan de ene en Oneida aan de andere kant; tussen die extremen bevindt Cave’s middenpositie zich in het dal. De band is trouwens zo hecht en strak dat dat nauwelijks hoeft op te vallen. Typerend is dat ze erg van overgangen in tempo houden. Nummer drie brengt acht minuten van funkende groove, opgebouwd rond een killer-baslijn en een catchy orgeltje. Met wat sporadische vocalen op de achtergrond is dit een soort no-nonsense !!! (chick chick chick). Die bas lijkt me bij Cave überhaupt de dragende kracht, altijd superzwaar en soepeltjes ineen. Na nummer drie blijven we de rest van de korte plaat (33 minuten) bij de krautfunk. Er zijn slechtere omgevingen denkbaar.
Black Moth Super Rainbow, – Eating Us [cd/lp, Memphis Industries]
Cave – Psychic Psummer [cd/lp, Important Records]












